dinsdag, juni 17, 2014

 

Stadhuis van Middelburg

Als je door de prachtige binnenstad van Middelburg loopt, is het nauwelijks voor te stellen dat op 17 en 18 mei 1940 een groot deel van die monumentale gebouwen in brand stond. Omdat hij de aanval zag aankomen, had de toenmalige burgemeester Jan van Walré de Bordes de dagen ervoor duizenden inwoners geëvacueerd. Zodoende waren vele mensenlevens gered, maar eigenlijk had burgemeester De Bordes ook de mooie binnenstad willen redden. Zijn pogingen daartoe heeft hij later duur moeten bekopen.

Ik lees hierover in de boeiende biografie* over Jan van Walré de Bordes die door Jan Zwemer geschreven is. De Bordes heeft een belangrijke rol gespeeld in de Oxfordgroep, de beweging waaruit Morele Herbewapening en daarna Initiatives of Change ontstaan is.

Stadsbrand

De situatie rond de stadsbrand van 17 mei is ongelooflijk ingewikkeld. Ten eerste is niet duidelijk of die brand gesticht was door de Duitsers of door zich terugtrekkende geallieerde, in dit geval Franse, troepen. Ten tweede is ook niet begrijpelijk waarom het verzoek van De Bordes om Middelburg en Walcheren te mogen overgeven niet gehonoreerd werd. Hij verzond dat verzoek meerdere keren via via naar de koningin in Londen. Het was voor hem volkomen duidelijk dat nu de rest van Nederland zich al had overgegeven, het ondoenlijk was voor Middelburg en Walcheren om staande te blijven. De zekere verwoesting van Middelburg die zou volgen als men zich niet overgaf, zou volkomen zinloos zijn.

De beschrijving in dit boek maakt het overduidelijk dat het voor de regering in ballingschap in Engeland makkelijk was om zwart-wit te denken. En het lijkt of de mensen in Londen geen idee hadden wat voor een worsteling het was voor een burgemeester midden in het strijdgewoel, waarin de afwegingen niet simpelweg tot zwart-wit of goed-fout gereduceerd konden worden. Het is dan ook tragisch te lezen dat zijn verzoek tot overgave een van de redenen was waarom De Bordes na de oorlog niet meer mocht terugkeren in zijn geliefde Middelburg.

De titel van het boek ‘Zijn open eenvoud was zijn grootste charme’ begrijp ik niet goed. Het zal best een van zijn karaktereigenschappen geweest zijn, maar uit deze biografie komt De Bordes meer naar voren als een strijdbaar, moedig en doortastend man die confrontaties niet uit de weg gaat. Die een kei is in het zoeken naar creatieve oplossingen. Die erin slaagt mensen mee te krijgen. Voor wie tegenslagen geen reden zijn om bij de pakken neer te zitten.

De volkenbond

Vol overgave werkte hij van 1921 tot 1937 voor het secretariaat van de Volkenbond, onder andere als lid van de Financiële Commissie. In die hoedanigheid hielp hij Oostenrijk en Bulgarije, die als verliezers van de Eerste Wereldoorlog verplicht waren herstelbetalingen te doen. Het is reuze boeiend door de ogen van De Bordes de werkzaamheden van de Volkenbond te bezien. Van het idealistische begin, opgericht om een eind aan alle oorlogen te maken, tot het moment waarop de machteloosheid van de bond meer en meer manifest werd en De Bordes voor zichzelf geen taak meer zag weggelegd. Maar wat een moed, wat een ondernemingszin, wat een creativiteit legde hij als onderhandelaar aan de dag in tal van zeer moeilijke situaties.

Teleurstelling

Met hetzelfde elan begon hij zijn taak als burgemeester en leidde hij na de bewuste brand de activiteiten rond de wederopbouw van Middelburg. Dat wil zeggen, zolang de Nederlandse bestuurders nog enige bewegingsvrijheid hadden. Al snel bleek dat de bezetter de riemen steeds strakker aanhaalde en uiteindelijk was de ruimte die burgemeesters hadden (de gemeenteraden waren al opgeheven) zo beperkt dat ze eigenlijk niet meer hun ambt naar behoren konden uitoefenen. De Bordes besloot zijn ontslag in te dienen. Dat had hij beter niet kunnen doen. Als hij gewacht had tot hij door de Duitsers aan de kant was gezet, dan was hij misschien later wel herbenoemd.

Het in zijn ogen volkomen onterechte besluit hem niet her te benoemen als burgemeester van Middelburg was de grootste teleurstelling van zijn leven. Jan Zwemer gaat uitgebreid in op alle argumenten en achtergronden waarom De Bordes, die niet als ‘fout’ in de oorlog te boek stond, toch niet werd herbenoemd. Knap van de auteur om dit hele ongelooflijk ingewikkelde proces na te trekken.

Terwijl hij blijft strijden voor eerherstel, begint na de oorlog De Bordes aan een nieuwe taak waarin hij zich helemaal kan geven: de repatriëring van Nederlanders uit Duitse en Japanse gevangenkampen.

Ongetwijfeld had hij hierna andere dingen kunnen doen voor het landsbelang, ware het niet dat hij op 21 januari 1947 bij een verkeersongeluk om het leven kwam.

Oxfordgroep

Veel aandacht schenkt Zwemer aan de invloed van de Oxfordgroep op Jan de Bordes. Tijdens zijn tijd in Genève had hij samen met andere personeelsleden van de Volkenbond in 1932 de oprichter van deze beweging, Frank Buchman, ontmoet. Deze ontmoeting betekende een vernieuwing van zijn christelijke geloof. Bovendien kon hij instemmen met het idee dat de problemen waar hij in de Volkenbond mee te maken had veroorzaakt werden door mensen. Bij alle plannen moet je dus rekening houden met de mentaliteit van mensen. Als die zou kunnen veranderen, zouden de plannen meer kans maken. Vanaf dat moment hebben hij en zijn echtgenote Sophie zich ingezet voor die verandering in mensen, wat in hun geval betekende dat ze een levend en praktisch christendom gingen verspreiden.

Deze overtuiging hielp hem zijn werk in de Volkenbond te doen, maar bracht hem er ook toe om, toen hij de zin ervan minder begon in te zien, zijn ontslag aan te bieden. Hij wilde vrij zijn om in de geest van de Oxfordgroep voor wereldvrede te werken. Gestimuleerd door het team van de Oxfordgroep in Nederland besloot hij te solliciteren voor het burgemeestersambt van Middelburg. Op instigatie van datzelfde team besloot hij later zijn ontslag in te dienen.

Geen 'short cut' naar wereldvrede

Dit laatste besluit heeft hij later betreurd. Het was ingegeven door het onrealistische idee dat een handjevol Oxfordgroepleden de vrede zou kunnen bewerkstelligen door nazi’s te veranderen. De rol van De Bordes zou zijn een ontmoeting te hebben met Seyss-Inquart, de door Hitler in 1940 aangestelde rijkscommissaris, de hoogste autoriteit van het Duitse burgerbestuur in Nederland. Die ontmoeting heeft inderdaad plaatsgevonden, maar zo schreef De Bordes na afloop: ‘Het gesprek met Seyss-Inquart werd een groot fiasco. Ik ging inzien dat ik een utopie had nagejaagd, dat er geen ‘short cut’ naar wereldvrede via enige hooggeplaatste personen bestaat.’

De biografie van De Bordes bevat tragisch elementen. Maar overheersend is het beeld van een man uit een stuk, die weliswaar fouten maakte, maar die zich ook vol overgave en met al zijn talenten gaf aan de taken die hij voor zich zag.

Zoon Hugo heeft het archief van zijn vader aan de auteur ter inzage gegeven. Zwemer heeft dit gebruikt om een zo eerlijk en zo volledig mogelijk boek te schrijven. De overhandiging ervan op 13 februari jl. in de raadzaal van het eeuwenoude stadhuis van Middelburg door Hugo de Bordes aan de huidige burgemeester Harald Bergmann kan gezien worden als een verdiend eerherstel voor Jan van Walré de Bordes, oorlogsburgemeester van Middelburg van 1939-1942. Ook de woorden van Peter Romijn van het NIOD, die voor het boek het Ten geleide schreef en ook het woord voerde bij de presentatie, droegen hiertoe bij.

Hennie de Pous-de Jonge

 *Zijn open eenvoud was zijn grootste charme - Jan van Walré de Bordes, inspirator en oorlogsburgemeester te Middelburg door Jan Zwemer, 284 blz., Uitgeverij Den Boer / De Ruiter, de Drukkery Middelburg, ISBN 978-90-79875-56-6.