maandag, september 16, 2019

Van 14 tot en met 18 juli 2019 vond de eerste editie van de ‘Tools for Changemakers’ conferentie plaats in het conferentiecentrum van Initiatives of Change (IofC) in het Zwitserse Caux. De conferentie borduurt voort op de eerdere conferenties Addressing Europe’s Unfinished Business en is de eerste in een serie van drie over sociale cohesie in Europa. Er waren circa 140 deelnemers uit 35 landen. Elly Stigter nam ook deel aan deze conferentie en vertelt over haar ervaringen.
 

Van individu naar gemeenschap

De conferentie kende een interessant en goed gevuld programma voor ons met verschillende gastsprekers uit de hele wereld.  Zo spreekt de Noorse IofC medewerker en schrijver Jens Jonathan Wilhelmsen over nationalisme en stelt dat er geen goede of slechte naties zijn. ‘Nationalisme was er niet geweest als we weten waar onze voorouders vandaan komen en je weet wie jezelf bent en waar je voor staat.’ Op de eerste dag staat het persoonlijke niveau dan ook centraal: het begrijpen van je eigen achtergrond en verhaal. In onze gespreksgroepen (community groups) reflecteren we hierop. Ik realiseer mij dat ik wel weet waar mijn ouders en grootouders vandaan komen, maar niet mijn verdere voorouders. Als ik terug in Nederland ben zal ik dit bij de nog in leven zijnde tantes navragen. 

De tweede dag staat in het teken van relaties met de mensen om ons heen. We worden uitgenodigd om te kijken wat wij gemeen hebben met onze naasten, maar ook met de mensen waar we liever niet mee geassocieerd willen worden. Ik realiseer mij dat we allemaal mensen zijn, ooit geboren als een piepkleine afhankelijk en onschuldige baby. Dat niemand als dictator wordt geboren. Wat is er in iemands leven gebeurd dat diegene zo is geworden? Net als ieder mens heb ik goede en minder mooie eigenschappen. Ik kan mezelf pas volledig  accepteren als ik al deze eigenschappen kan omarmen, inclusief die minder mooie. Mag ik dit ook echt van mij mezelf? Dit zijn toch best lastige vragen die ik mezelf stel, waar ik nog niet alle antwoorden op gevonden heb.

De derde dag staat in het teken van het creëren van een nieuw gezamenlijk verhaal. Jean Brown van Iofc Australië en Amina Dikedi – Ajakaive van IofC Nigeria en UK vertellen over Creators of Peace, een internationaal vrouwennetwerk dat vrede wil stichten en iedereen uitdaagt om dit te doen, waar we ook zijn. Vrede in ons hart, vrede thuis, op ons werk en in onze gemeenschap.
 

Persoonlijke verhalen

Wat ik zo mooi vind aan IofC en nu voor een tweede keer in Caux mag meemaken, zijn de vele persoonlijke verhalen van verschillende mensen. Zo hoor ik het ingrijpende verhaal van Omar Alshogre, die als 17-jarige Syrische jongen per ongeluk op het verkeerde tijdstip op de verkeerde plek terecht komt en in een politieke demonstratie beland waarbij zijn vriend voor zijn ogen door de politie wordt neergeschoten.

Vol ongeloof luister ik naar het verhaal over zijn gevangenschap, martelingen en vlucht naar Zweden.  Ik heb een zoon van 16 jaar. Hoe kunnen politieagenten dit zo’n onschuldig kind aandoen? Ik schaam mij dat zij dit hebben gedaan. Waar was hun menselijke hart op dat moment? Wanneer zijn zij dat kwijtgeraakt? Niet alleen Omar Alshogre heeft professionele hulp nodig, ook de politieagenten die dit gedaan hebben.

Een ander verhaal dat indruk maakt op mij is dat van de Oostenrijkse Agnes Otzelberger. Zij werkte jarenlang als hulpverlener in verschillende gebieden om te helpen bij de opbouw na oorlogen of natuurgeweld. Totdat zij zich realiseerde dat zij een veel hoger salaris ontving dan  het lokale personeel en zelfs de collega’s op het hoofdkantoor. Ze reed standaard in een auto met airco rond, dronk mineraalwater uit plastic flesjes en werd door lokale mensen als een soort held gezien. Dit voelde niet goed meer. Ook het feit dat westerse landen onethische zaken probeerden te verdoezelen door armere landen geld te geven, zorgde ervoor dat zij serieus begon na te denken over haar rol als hulpverlener.

Otzelberger vertelt over haar besluit te stoppen als hulpverlener en de moeilijke periode die daar op volgde. Als ze na een malaria-infectie volledig instort, belandt ze in een identiteitscrisis. Ze ging aan zichzelf werken door lichaam en geest weer in balans te brengen. Een uitspraak die haar erg heeft geholpen, is: Als je iemand wil zijn, zal je je comfortabel moeten voelen om eerst niemand te zijn. Inmiddels heeft zij een nieuwe rol in het leven gevonden als facilitator, onderzoeker en oprichter van The Good Jungle. Dit is een organisatie die mensen die goed werk willen doen, inspireert en helpt  om kritisch te kijken naar hun werkveld. (zie thegoodjungle.org).
 

Turkse, Koerdische en Armeense dialoog

Voor het vierde jaar vindt er in Caux ook een dialoog plaats tussen mensen met een Turkse, Koerdische en Armeense achtergrond. De dialoog wordt in de grote zaal gehouden en is open voor iedereen. De dag dat ik aansluit word ik geblinddoekt naar een stoel gebracht. We krijgen de opdracht om met degene die tegenover ons zit de vraag te beantwoorden: wat was jouw leukste vakantie? Daarna wordt ons gevraagd hoe je denkt dat diegene tegenover je eruitziet? Ik herken haar stem, dus dit is voor mij makkelijk. Maar ik realiseer mij dat het vrij gemakkelijk is om een beeld te vormen. Een mooi lesje vooroordelen.

De dialoogsessies worden verzorgd door de Armeens Arshalouys Tenbelian uit Libanon en de Turkse Burak Han Çevik uit Den Haag.  Tenbelian (midden in de foto hierboven in het zwart gekleed) vertelt hoe zij is opgevoed met de Armeense cultuur en altijd heeft gehoord dat de Turken verantwoordelijk zijn voor de vlucht van haar voorouders vanuit Armenië naar Libanon. Tijdens haar studie Communicatie werd zij in 2017 uitgenodigd om naar Caux te komen om een dialoog bij te wonen tussen deze groepen. Zij vond dat zij hiernaar toe moest gaan, als onafhankelijke journalist moet je immers objectief kunnen schrijven. Maar toen zij eenmaal Turkse mensen in Caux ontmoette, had zij helemaal geen zin om een fatsoenlijk gesprek te moeten voeren.

Çevik (in de foto met microfoon) is de zoon van een Turkse immigrant en opgegroeid in Den Haag tussen Armeense vrienden. Toen hij zijn ouders vragen ging stellen over de oorlog tussen Turken, Koerden en Armeniërs, hoorde hij het diplomatieke antwoord dat je iedereen met respect moet behandelen. In Caux werd hij als vijand gezien en voelde zich daar heel onaangenaam bij. Hij vertelt hoe de dialoogsessie in 2017 erg moeizaam verliepen, er werd zelfs gescholden en geruzied. Toen een Turks meisje haar excuus aanbood aan de aanwezige Armeniërs begreep Çevik niet waarom zij dit deed. Want zij en hij zijn toch niet persoonlijk verantwoordelijk voor wat de Turken in de geschiedenis gedaan hebben? Toen realiseerde hij dat hij nu eenmaal een Turks label draagt en dat om te helen excuses nodig zijn. Dat beiden partijen elkaar nodig hebben om verder te kunnen. Inmiddels zijn Tenbelian en Çevik goede vrienden geworden.

Tijdens de dialoogsessie worden er interessante oefeningen gedaan en wordt duidelijk dat er zoveel groepen mensen haatgevoelens hebben tegen buurlanden. Voor een aantal deelnemers uit Rusland en Oekraïne zijn de wonden nog te pijnlijk om met elkaar een dialoog te hebben.
 

Stilte tijd

Zoals elke ochtend is er stille tijd om 7.15 ’s ochtends in de eigen groep. Op de laatste ochtend is de stille tijd met alle deelnemers in de grote zaal en hebben we fantastisch uitzicht op het meer van Geneve en wordt er live Chopin gespeeld op de piano. Een magisch moment! Dit zal ik voor de rest van mijn leven meedragen. Ik ben dankbaar dat ik ook dit jaar weer naar Caux mocht!
 

 


Elly Stigter

 

Foto's: © CAUX - Initiatives of Change Switzerland