vrijdag, februari 4, 2011

Alle ogen zijn op het moment van schrijven gericht op Egypte waar een ongekende omwenteling aan de gang is, waarvan de gevolgen niet te overzien zijn. De gebeurtenissen doen ons vergeten dat eerder dit jaar Egypte ook al in het nieuws was, toen in de vroege ochtend van nieuwjaarsdag een bomaanslag plaatsvond bij een Koptische kerk in Alexandrië, waarbij 21 kerkgangers omkwamen en 170 gewond raakten.

Nag Hammadi, 3 januari 2011. De vader van een bij de aanslag in Nag Hammadi in 2010 omgekomen moslim wordt getroost door de broer van een bij dezelfde aanslag  omgekomen christen.Nag Hammadi, 3 januari 2011. De vader van een bij de aanslag in Nag Hammadi in 2010 omgekomen moslim wordt getroost door de broer van een bij dezelfde aanslag omgekomen christen.De spanningen tussen moslims en christenen in Egypte liepen er hoog op als gevolg van beide aanslagen en van berichtgeving van islamitische TV zenders zoals het ‘netwerk van de islamitische glorie’, die oproept kerken aan te vallen. Ander Nieuws ontving berichten van twee Egyptische vrouwen, die getuigen van een andere benadering en die gezien de recente gebeurtenissen een extra lading krijgen.

Zo schrijft Afaf Badran, architect in Cairo:

‘Tijdens de aanslag in Alexandrië zaten we met vijf moslima’s, die elkaar kennen vanuit Initiatives of Change, voorbereidingen te treffen voor een reis naar Nag Hammadi. Het plan was om daar de families te bezoeken van de slachtoffers van de aanslag die daar een jaar geleden tijdens het oosterse kerstfeest had plaatsgevonden. We zouden hen in het klooster ontmoeten en kerstcadeautjes mee-nemen. Maar als gevolg van de aanslag in Alexandrië liep de spanning tussen moslims en christenen hoog op. Ook wij waren gespannen. Hoe zouden we verwelkomd worden? Hoe konden we hen troosten? Moesten we wel gaan? Ondanks alle twijfel en waarschuwingen besloten we te gaan. Op 3 januari reisden we 8 uur met de trein naar Nag Hammadi en dezelfde dag ook 8 uur terug naar Cairo. Het was alleszins de moeite waard. We hebben de priester en de bisschop ontmoet en de families van de 7 slachtoffers. Ook de familie van de moslimbewaker, die was omgekomen. Het was niet alleen hartverwarmend, maar we hebben ook vriendschap gesloten en ons voorgenomen met elkaar samen te werken.

Op 6 januari van dit jaar was er verhoogde dreiging vanwege het oosterse kerstfeest. Moslimstudenten deden een oproep aan moslim-vrijwilligers om als menselijk schild de wacht te houden bij kerken in heel Egypte, als bescherming en als gebaar van troost en medeleven. Mijn dochter en ik hebben de hele dag gepost bij de ingang van de Al Adra kerk in Cairo. Veel moslims deden hetzelfde bij verschillende kerken. Het is een teken van echte solidariteit en ook om aanvallers - van welke groepering en met welke ideeën ook - duidelijk te maken, dat zij de uitzondering vormen en dat christenen en moslims van Egypte voor altijd verenigd zullen blijven. We hebben ook met een aantal moslims de kerstvieringen in de kerken bijgewoond. We werden eerst met argwaan bekeken, maar later werden we hartelijk begroet en verwelkomd.’

Nagwa Raouf, hoogleraar aan de universiteit van Cairo, stelde na de aanslag in Alexandrië, de volgende verklaring op die op 3 januari jl. gepubliceerd werd door de Libanesche krant Al-Nahar, één van de grootste Libanesche dagbladen.

‘Als Moslima, die de ware islam kent en begrijpt, vraag ik vergeving aan iedere moeder, aan iedere vader, aan iedere zoon, aan iedere dochter, aan iedere zuster, aan iedere vriend, die een geliefde verloor in deze slachting. Ik vraag vergeving aan jullie, mijn christelijke broeders en zusters, en ik bid God om erbarmen voor jullie doden (die ook de onze zijn),voor mijn zwakheid en onvermogen om, behalve met deze eenvoudige woorden, uiting te geven aan wat er omgaat in mijn hart en hoofd, en aan mijn moslimbroeders, die werden gedood alleen maar omdat zij hun werk deden met het bewaken van een huis van God, terwijl daar gebeden werd.

Ik weiger te accepteren wat er in Egypte gebeurt; wat de christenen in Egypte wordt aangedaan, het bloed te vergieten van enige christen zg. om onze godsdienst te beschermen, mee te gaan in het conflict, waar ze op uit zijn, het bloed van welk mens dan ook te vergieten, alleen maar omdat hij een andere godsdienst, mening of sekse heeft. Ten overstaan van God wijs ik af wat er wordt misdaan in de naam van islam. De islam is daar onschuldig aan tot aan de dag des oordeels.
Ik ben voor rechtvaardigheid, rechten van de mens en vrijheid van geloof; eenheid onder de Egyptenaren onder het banier van de liefde; steun aan ieder die onderdrukt wordt, aan ieder die slachtoffer is van onrecht; gelijke wetten voor de bouw van moskeeën en kerken; een Egypte dat Arabieren met elkaar verbindt. ‘

Dit artikel verscheen ook in Ander Nieuws januari / februari 2011