dinsdag, mei 5, 2020

margrietenBalkon-impressies 

Op mijn balkon in de zon met een heerlijk kopje koffie. Onze bloembakken gevuld met vrolijke, nieuwe planten en het park vóór ons aangekleed met prachtig fris groen. Wat is dat genieten! Er lijkt totaal niets aan de hand in de wereld om mij heen. Maar niets is minder waar:

Kennelijk liggen er buiten mijn gezichtsveld en bijna buiten mijn voorstellingsvermogen heel nare en gevaarlijke dingen op de loer. Het enige waaraan ik zié dat er iets aan de hand is, zijn de spelende kinderen in het park.

Vóór ‘corona’ zagen we er meest alleen een paar volwassenen met honden, laat staan kinderen. Er zijn bomen, er is een spannend, leuk speelterrein met hoog riet en water en mooie houten klimtoestellen. Kortom, een plek waar je als kind heerlijk kunt spelen. Waar zijn toch al die kinderen uit onze kinderrijke buurt, vroegen wij ons vaak af en verbaasden ons erover.

BSO, achter hun laptop, met hun telefoon? Of vinden ouders het eng om ze alleen buiten te laten spelen? Navraag leerde dat al die antwoorden kloppen: kinderen spelen bijna niet meer buiten.

En nu opeens zijn er kinderen die het park gebruiken waarvoor het is bedoeld. We zien kinderen skaten, steppen op de meest grappige stepjes, verstoppertje doen, tussen het riet spelen, boompje klimmen, kattenkwaad uithalen, visjes vangen en fietsen op de meest vrolijk gekleurde fietsjes. Volgens mij leren kinderen hier al fietsen als ze nauwelijks één jaar zijn en zie je de fietsjes meegroeien.

Opeens niet alleen maar ouderen die hun hond uitlaten, maar drie schattige jongetjes en hun zusje die dollen met hun hond in het gras. In het roze geklede meisjes op knalblauwe fietsjes. Kennelijk is er nu met al dat thuis zijn en/of huiswerk moeten maken, opeens iets ontdekt: Er is een buiten! (En hebben de ouders ook even rust, want de kinderen zijn vaak alleen.)

Iedereen hoopt dat er ná de corona iets nieuws ontstaat, een andere soort wereld desnoods. Met meer medeleven, meer mededogen, minder alleen de economie die telt, meer aandacht voor de vitale beroepen, meer aandacht voor de kwetsbaren, noem maar op… Ik help het iedereen hopen. Mijn verwachtingen zijn misschien niet zo hemelbestormend.

Wat ik hoop is dat de kinderen hebben ontdekt hoe heerlijk het is om buiten te spelen, hoe goed het voor je is om ‘in het groen’ te zijn. Hoe waardevol het is om met je vriendjes te ontdekken dat er jonge eendjes zijn geboren, hoe fijn het is om te fietsen met de wind in je haren en de zon op je gezicht. Hoe leuk het is om hutten te bouwen.

Dat er dingen bestaan die waardevoller zijn dan turen op een schermpje en dat spelletjes in het echt leuker kunnen zijn dan ze op je computer te spelen. Als dát zou gebeuren, zou er al heel wat gewonnen zijn.

Ineke Overdijkink