zaterdag, januari 1, 2000

Na een hele dag praten over de kunst van het ouder worden blijven twee werkwoorden hangen. Luisteren en loslaten. En dat je beide beter jong kunt leren.

Op de conferentiedag op 20 november in Amaliastraat 10, die als titel had 'De kunst van het ouder worden' bogen rond de 50, voor het merendeel ouderen, zich over dit thema. Toespraken van ds. Frits Groeneveld, mevrouw Betty Gunning en mevrouw Nona de Brauw werden gevolgd door levendige discussies in groepen.

'Ik geloof,' zei mevrouw De Brauw, 'dat bijna iedereen die ik ken liever praat dan luistert. Luisteren is een kunst ' Ze merkte dat in haar familie de neefjes en nichtjes en al haar kleinkinderen, en zij zelf ook, graag op bezoek gingen bij haar oudere zuster. Wat was haar geheim? Ze luisterde met belangstelling en zonder kritiek.
Open naar elkaar luisteren zonder vooropgestelde meningen - dat is ook volgens mevrouw Gunning nodig voor de generaties om elkaar te verstaan. Er is een nieuwe cultuur die haar soms de schrik om het hart doet slaan. 'Aan de andere kant', zo zei ze, 'probeer ik de franje van het wezenlijke te scheiden. Bij franje denk ik aan kleding, muziek, manieren, wijze van spreken, "hoi" in plaats van "dag mevrouw". Het wezenlijke is volgens mij motivatie, respect voor de ander, eerlijkheid en natuurlijk geloof in iemand hoger dan jezelf. Ik leer er enorm veel van hoe jonge mensen de moed hebben de wereld in te gaan en dingen aan te pakken met grote creativiteit en betrokkenheid bij de noden in de wereld.'
Als taken wegvallen, zo ervoer mevrouw Gunning, doen zich nieuwe mogelijkheden voor, die je kunt ontdekken als je in stilte luistert naar je innerlijke stem, of naar Hem die je geschapen heeft of naar het hoogste dat je kent.
Het andere werkwoord is loslaten. Iedereen moet naarmate hij ouder wordt leren loslaten. Ouders hun kinderen, kinderen hun ouders, het werk, gezondheid enzovoort. Loslaten is het allerwezenlijkst, zegt Frits Groeneveld. Via loslaten word je innerlijk-vrijer, afstandelijker, maar niet minder betrokken. Mensen zijn geroepen tot het einde toe te groeien en te rijpen.
Een aspect van loslaten waar je niet vroeg genoeg mee kunt beginnen, is het loslaten van 'oud zeer'. Groeneveld haalt dr Elisabeth Kübler-Ross aan uit haar boek 'Lessen voor levenden; gesprekken met stervenden': 'Bij gesprekken met stervenden was ze te weten gekomen hoeveel onafgewerkte zaken en verstandhoudingen bijna-dode mensen op hun sterfbed nog willen uitpraten en rechtzetten. Als er iets met de kunst van het ouder worden te maken heeft, dan is het wel om niet alles tot het laatst toe, tot op je sterfbed, te bewaren, maar om het uit te spreken. Door het loslaten van emoties, woede, verdriet en gevoelens van onrecht kunnen verhoudingen worden hersteld. Zelfs familieverhoudingen die decennia lang verstoord zijn geweest,' aldus Groeneveld.
Ook mevrouw De Brauw haalde Kübler-Ross aan, maar over een andere vorm van loslaten, namelijk het verlies van gezondheid. Ze had van haar geleerd dat je een handicap met vreugde kunt begroeten als een mogelijkheid een stap verder te komen op de weg naar je eindbestemming. Zijzelf, die altijd intens naar kleuren en naar de gezichtsuitdrukking van mensen had gekeken, moest leren leven met een steeds verminderend gezichtsvermogen. 'Maar,' zei ze, 'het is geen hopeloze weg. Je hebt wel geduld nodig, maar er komen andere mogelijkheden. Als je minder gaat zien, ga je beter luisteren. En je hebt natuurlijk een ontzettend voordeel in je leven als je hebt geleerd te luisteren in die tijd van stilte; dat je voor één dag tegelijk kunt vragen hoe die dag moet en dat je 's avonds, als je in je bed stapt, kunt denken: "Vandaag is het weer gelukt".'

Hennie de Pous-de Jonge

Uit: Ander Nieuws januari/februari 2000.