maandag, november 1, 1999

In oktober 1989 stopte marine-officier Kees Scheijgrond met werken. Functioneel leeftijdontslag heet dat. Hij was 52. Nu tien jaar later heeft hij het drukker dan ooit en doet hij dingen waar hij nooit van gedroomd had. Toen ik met Kees en zijn vrouw Marina eind augustus in Oekraïne was voor een 'Visiting Course', merkte ik met hoeveel banden hij met dat land verbonden is. Ik vroeg hem hoe dat zo gekomen is.

'Het begon met het besluit om na mijn tijd bij de marine Russisch te gaan leren. Ik had behoefte contact te leggen met de voormalige tegenstanders. Het was een oude droom die na het verdwijnen van de muur werkelijkheid kon worden. Door zo'n besluit gaat je aandacht die kant uit. Ik raakte betrokken bij een initiatief om van een oud Benediktijner klooster in de Poolse stad Jaroslaw een centrum voor ontmoeting en verzoening te maken.
In april 1990 ging ik voor het eerst naar Polen. Het was een andere wereld. Alles was zoals bij ons 40 jaar geleden, maar daardoor extra aantrekkelijk. Minder auto's, minder reclame. Aan de andere kant was de slechte infrastructuur ook een schok. De woningnood was overweldigend: soms met 6 mensen op één kamer. De Polen waren bijzonder vriendelijk en zorgzaam, maar afspraken maken was moeilijk. Ze hadden zo'n mentaleit van "Het komt zoals het komt."
Die zomer maakte ik met Marina de eerste conferentie mee in Jaroslaw. Er waren ook mensen uit Oekraïne en Slowakije. Er was een bijzondere sfeer van fouten erkennen en toenadering. De mensen waren dat niet gewend.
Dat leidde tot een soortgelijke conferentie in Lviv in Oekraïne op initiatief van een Oekraïnse journaliste. Indrukwekkend was dat deze conferentie mede georganiseerd was door een groep gehandicapten. Eén van hen was Jaroslaw Grybalskiy, verlamd vanaf zijn zeventiende, maar nu mobiel in zijn uit Zweden afkomstige rolstoel. Ook Mykola Swarnyk, vader van een meervoudig gehandicapt kind, heb ik toen ontmoet.
We gingen terug met het idee om 20 rolstoelen naar Oekraïne te brengen. Een vriendin wees ons op de Stichting Polen/Oekraïne die hulptransporten naar Zuidoost Polen organiseerde. Sinds 1992 helpt deze stichting ieder jaar een zending naar Lviv te sturen. De gehandicapten zorgen voor de ontvangst en distributie.
Van meet af aan beseften we dat een goede morele en geestelijke basis een belangrijk aspect is voor de samenwerking. Grybalskiy en anderen zijn naar Caux geweest. Er is ook een soort contract gesloten tussen de drie betrokken partijen: de Nederlandse Stichting voor Morele Herbewapening, de Oekraïnse Raad voor Revalidatie van gehandicapten en de Poolse MH-groep. Daarin hebben we met elkaar vastgelegd waarom en hoe we willen samenwerken.'

Bloeiende bloem

Om duidelijk te maken wat er allemaal uit deze samenwerking voortgekomen is, tekent Kees een bloem. In het hart de Stichting Revalidatie Invaliden van Jaroslaw Grybalskiy en de Stichting Nadiya (Hoop) van ouders van kinderen met hersenverlamming, opgericht door Mykola Swarnyk. Als bloemblaadjes het Dzherelo Revalidatiecentrum voor gehandicapten; de werkplaats voor reparatie van rolstoelen; het RESPO (recreatieve sport voor gehandicapten) project; hulp aan ziekenhuizen en klinieken.
Deze bloem bloeit mede dankzij een aantal Nederlandse organisaties. Naast Morele Herbewapening zijn dat: MATRA (maatschappelijke transformatie) een hulpprogramma van Buitenlanse Zaken voor Oost-Europa; de PUM (Project Uitzending Managers); de Rotary club van Reeuwijk; de firma Beenhakker, die technische hulp en training heeft gegeven voor de rolstoel-reparatiewerkplaats; de al genoemde stichting Polen/Oekraïne; de Stichting RESPO uit Heerenveen en sinds kort ook de Henri Nouwenstichting.
Studenten van de universiteit en de sportacademie in Lviv helpen, aangestoken door het enthousiasme van de gehandicapten mee, o.a. met vertalen. Samen vormen ze het team van Morele Herbewapening in Lviv, dat Kees had gevraagd om afgelopen zomer een 'Visiting Course' te geven en dat ons met bloemen opwachtte op het vliegveld van Lviv toen we daar aankwamen.
De 'Visiting Courses' (VC's) zijn een andere uiting van Kees' betrokkenheid bij het Oosten. Dit komt voort uit de jarenlange vriendschap van hem en Marina met Erik en Sheila Andren uit Engeland. Ze hebben vroeger samen gezinsconferenties georganiseerd in Caux. Erik had overtuiging iets te doen voor jongeren in Centraal- en Oost-Europa en richtte 'Foundations for Freedom' op.
Hij begon cursussen te geven in de waarden die ten grondslag liggen aan de democratie. Eerst met Erik, later als leider met anderen heeft Kees cursussen gegeven in o.a. Minsk, Litouwen, Novosibirsk (Siberië) en laatstelijk in augustus in Lviv.
Tot slot is er ook het aspect van het bedrijfsleven. Al 5 jaar vindt er in Caux, tijdens de zaken-en industrieconferentie (CCBI) een forum onder voorzitterschap van Kees plaats waar mensen uit Oost en West elkaar kunnen ontmoeten. In november helpt Kees een conferentie in Polen organiseren met als onderwerp de verhouding werknemer/werkgever en hoe samen verantwoordelijk te zijn voor het gemeenschappelijk belang.
Ik vraag aan Kees hoe zijn vorige werk zich verhoudt met wat hij nu doet. 'Wat ik o.a. geleerd heb bij de marine is organiseren, projectmatig de zaak verder helpen. Wat nieuw voor me is, is met jongelui praten over de zin van het leven, zinnige gesprekken leiden op zo'n manier dat mensen nieuwe hoop krijgen. Ik wist ook helemaal niet dat ik dat kon. We hebben veel gehad aan een professionele training in Oxford, die niet zozeer over techniek ging maar ons meer leerde hoe je je hart kunt openen om zo'n cursus goed te laten lopen. Het is veel voorbereiding en een grote uitdaging. En het betekent ook iedere keer weer een persoonlijke vernieuwing. Ik ben dankbaar dat dit op mijn weg gekomen is. '

Hennie de Pous-de Jonge

Uit: Ander Nieuws, november/december 1999.