zaterdag, februari 17, 1990

Jean Vanier, oprichter van de 'L'Arche'-gemeenschappen over samen wonen met verstandelijk gehandicapten.

'Kent u normale mensen?' vroeg Jean Vanier, de oprichter van de 'L'Arche' - leefgemeenschappen met verstandelijk gehandicapten, aan het publiek dat in groten getale was gekomen om hem te horen. Hij sprak in Houten en Den Haag in verband met de mogelijke oprichting van een 'L'Arche'-gemeenschap in Nederland.

'Kent u normale mensen? Ze zijn vaak een beetje vreemd en verre van vrolijk. In Trosly-Breuil, waar ik woon, had ik een keer een normale man op bezoek,' vertelde Vanier verder. 'De man zocht me op om over zijn problemen te praten. Die waren vele, problemen met zijn werk, met zijn gezin enz. Ineens kwam onze huisgenoot Jean-Claude, een mongooltje, binnen met een stralende lach. Hij pakte de hand van mijn normale bezoeker, pakte mijn hand en liep vervolgens, nog steeds lachend de kamerweer uit. Mijn bezoeker keek me aan en zei: „Is het niet verdrietig zulke kinderen te zien?"

Mijnheer 'Normaal' is blind. Hij kan niet zien hoe gelukkig Jean-Claude is. Het is heel droevig als mensen alleen nog maar kunnen kijken door de bril van hun eigen theorieën, de werkelijkheid niet meer zien en niet meer van mensen kunnen houden zoals ze zijn.' Aldus Vanier. Er is veel dat 'normale' mensen en verstandelijk gehandicapten gemeen hebben en er is veel dat ze van elkaar kunnen leren. Dat was eigenlijk Vaniers boodschap. We zoeken allemaal liefde. Misschien vervangen 'normale' mensen dat door 't zoeken naar bewondering. Maar allemaal willen we diep in ons hart weten dat we bemind worden, dat we wat waard zijn.

In 'L'Arche' vinden verstandelijk gehandicapten een gevoel van eigenwaarde, omdat er mensen zijn die van hen houden. En niets versterkt het zelfvertrouwen meer dan het idee dat je iets te geven hebt. In 'L'Arche' worden hun gaven van hart en geest op waarde geschat. Liefde betekent niet zozeer dat je iets voor anderen doet (want dat kan hun het gevoel geven dat ze het zelf niet kunnen en dus niet deugen), maar echte liefde helpt anderen hun eigen waarde, hun eigen schoonheid, hun eigen rijkdom te ontdekken, aldus Vanier.

In 1964 moest Vanier, toen hij als ex-marineofficier uit Canada, in Frankrijk verstandelijk gehandicapten bij zich in huis nam, dit allemaal nog leren. Hij was tot deze ongebruikelijke stap gekomen nadat hij met een vriend die priester was, een aantal tehuizen voor verstandelijk gehandicapten in Frankrijk had bezocht. In een ervan kwamen dertig mensen op hem afstormen. In hun ogen las hij de oerkreet: 'Waarom zijn we hier? Waarom zijn we verlaten? Is er nog iemand die van ons houdt?' Vanier werd erdoor afgeschrikt en aangetrokken. Hij voelde dat Jezus wilde dat hij een volgende stap zou nemen. Zo nodigde hij twee verstandelijk gehandicapten uit het huis met hem te delen en begon de eerste 'L'Arche'-gemeenschap.

In kleinere kring sprekend tot de mensen die op enigerlei wijze betrokken zullen zijn bij de oprichting van 'L'Arche'-Nederland zette hij nog eens uiteen waar het daarbij om gaat. Als je samen gaat wonen als in een gezin, sluit je als het ware een verbond met elkaar. Wij horen voortaan bij elkaar, zeg je dan. Dan zal het gaan groeien, maar die groei is niet belangrijk. Het gaat om de verbondenheid. Het gaat om de inzet en toewijding. Waar zijn de mensen die 20 tot 30 jaar met hen willen optrekken?

Van belang is ook vakbekwaamheid. Liefde sluit dat niet uit. Als je uit liefde handelt maak je ook gebruik van de beste kennis die er is. Het allerbelangrijkste is de menselijke relatie. Er moet het gevoel zijn: 'Wat is het fijn om samen te zijn.' Daarom wordt ruim de tijd genomen voor de maaltijden, voor dansen en feesten, spelletjes. In die persoonlijke relatie leren de verstandelijk gehandicapten dat hun leven zin heeft. Maar ook diegenen die met hen samen wonen, ervoeren dit als een verrijking, ook in hun geestelijk leven. Dit is tenminste de ervaring van al die Nederlanders die een of meer jaren een 'L'Arche'-gemeenschap in het buitenland hebben meegedraaid. Door het leven in 'L'Arche' leerden ze meer over zichzelf en vonden ze een vrede en vreugde die ze niet gekend hadden.

Dit is ook een paradox uit het evangelie, zegt Vanier. Degene die we willen genezen, geneest ons. We moeten verstandelijk gehandicapten niet allereerst zien als een probleem, voorwerp van onze zorg, maar als mensen die iets speciaals hebben bij te dragen. Als illustratie gaf Vanier nog het volgende voorbeeld: Enkele maanden geleden vonden de speciale Olympische Spelen voor verstandelijk gehandicapten plaats in Madras, India. Andrew was met hardlopen tot in de finale doorgedrongen. Tijdens de finale was hij aan de winnende hand tot hij merkte dat zijn tegenstander gevallen was. Hij stopte, hielp hem overeind, en hand in hand renden ze naar de finish.
 

Hennie de Pous-de Jonge

Uit: Nieuw Wereld Nieuws, 17 februari 1990