woensdag, februari 14, 2007

Australië is een jong land. Overal waar je rondrijdt zie je borden met een verwijzing naar ‘historische’ plaatsen. Het gaat dan over iets dat gebeurde in 1890 of misschien 1830 en over ontdekkingsreizigers uit die tijd.

En het slaat bijna altijd op een gebeurtenis waar Engelsen bij betrokken waren. Het was tenslotte een Engelse kolonie. Of liever gezegd: Australië bestond uit zes verschillende koloniën, die sinds 1901 samengevoegd zijn onder de naam ‘Commonwealth of Australia’. De Britse koningin is nog steeds ook het staatshoofd van Australië. Ze wordt vertegenwoordigd door een gouverneur-generaal terwijl ieder staat ook nog weer een gouverneur heeft. Maar tegelijkertijd is het een heel oud continent. Men schat dat de eerste Aboriginals zich zo’n 40.000 geleden hier hebben gevestigd toen Australië nog met het vaste land van Azië was verbonden. Er wonen nu ongeveer 500.000 Aboriginals en hun aantal neemt toe nadat het lange tijd afgenomen heeft.

De ergste droogte sinds honderd jaar
De ergste droogte sinds honderd jaar

Voor ons als bezoekers uit Nederland zijn er uiteraard dingen die direct opvallen. Ten eerste de grootte van het land: van oost naar west is 4000 kilometer en van noord naar zuid 3700 (ongeveer 200 keer Nederland). Verder de leegte en de weidsheid. Alles is heel ruim aangelegd. Behalve in het centrum van een aantal steden zie je nergens hoogbouw. Het lijkt erop dat de meeste mensen alleenstaande bungalows bewonen, met een tuin rondom. Men pakt voor alles de auto. Als iemand zegt dat iets vlak bij is, maar tien minuten, wordt niet bedoeld tien minuten lopen of fietsen, maar tien minuten met de auto. Er is beperkt openbaar vervoer, vooral van de buitenwijken naar de binnensteden. In Sydney, een schitterende, rond tientallen baaien gebouwde stad, nemen veel mensen de boot naar hun werk. Verder valt de enorme droogte op waaronder grote delen van het land (behalve Queensland) sinds jaren gebukt gaan (de ergste sinds 100 jaar). In de huizen waar we logeerden stond er altijd een emmer in de douche om het water op te vangen voor de tuin, die niet met kraanwater gesproeid mag worden. Spoelwater van wasmachines wordt opgevangen voor de tuin etc. Water is hier een kostbaar goed. We hebben tal van meren gezien die droog liggen. Er werd bijvoorbeeld nog wel langs een meer gekampeerd, maar van watersport kon geen sprake meer zijn. Rond het grote meer in de goudstad Ballarat, waar beroemde roeiwedstrijden gehouden werden, lagen de aanlegsteigers er hoog en droog bij. Grote bosbranden teisteren het land en vele boeren zien zich genoodzaakt hun boerderij te verkopen.

Met de boot op weg naar de binnenstad van Sydney. Rechts het beroemde Operahouse.
Met de boot op weg naar de binnenstad van Sydney. Rechts het beroemde Operahouse.

De reden van ons bezoek aan Australië was om kennis te maken met de activiteiten van Initiatives of Change ter plekke. Een leuke bijkomstigheid was dat we de kans hadden enkele familieleden van Hennie op te zoeken. Als uitvalsbasis voor ons verblijf van zes weken gebruikten we het centrum van IC in Melbourne, Armagh geheten, waar Hennie 34 jaar geleden een jaar gewerkt heeft. Dit is een woongemeenschap en trainingscentrum van IC voor Australië, Azië en het Stille Zuidzeegebied. Het is een levendig centrum met veel jongelui. Het kostte ons enige moeite om hun namen te onthouden, vooral de Aziatische. Een of twee keer per jaar vindt er een speciale cursus plaats met de dubbelzinnige naam ‘Life Matters’. Alumni van de cursussen komen af en toe terug en helpen bijvoorbeeld met de volgende cursussen. Ook zijn enkelen van hen betrokken bij het Aziatische trainingsprogramma ‘Action for Life’. Vanuit Armagh wordt alweer de volgende Action for Life voorbereid. We begonnen met het bijwonen van een vijfdaagse internationale conferentie van IC in het ‘International House’ van de universiteit van Melbourne. De conferentie had als thema ‘Australië als buurland’. De bijna driehonderd deelnemers kwamen behalve uit Australië, onder andere uit Fiji, de Solomon Eilanden, Papoea-Nieuw Guinea, Indonesië, Zuid-Korea, Japan, Filippijnen, Maleisië en Nieuw-Zeeland. Het ging vooral over de verhouding van Australië met de buurlanden, maar ook over de verhouding tussen de bevolkingsgroepen in Australië. Heel veel Aziaten studeren of werken hier. Maar ook grote groepen uit andere landen, zoals uit Libanon en Soedan.

Conferentie in Melbourne: af en toe was het niet te warm om buiten te eten.
Conferentie in Melbourne: af en toe was het niet te warm om buiten te eten.

Een van de sprekers bij het openingsdiner was bisschop George Browning, de Anglikaanse bisschop van Canberra en Goulburn. In een felle speech bekritiseerde hij de ‘ideologie van het individualisme’ die ten grondslag ligt aan het huidige politieke beleid van de Australische regering. Dit reactionaire beleid appelleert aan de angstgevoelens van mensen en doet denken aan de ‘white Australia policy’ van de jaren vijftig en zestig. Browning benadrukte de noodzaak om het onrecht uit het verleden te erkennen. ‘We moeten de pijn van het verleden leren verwerken. Je kunt het alleen veilig vergeten als je het voldoende herdacht hebt. Of het nu gaat om het Midden-Oosten, de Balkan, Noord-Ierland of de oorspronkelijke bewoners van Australie: als je de pijn niet op een goede manier erkent en verwerkt, zal die nooit vergeten worden.’ De gastheren en gastvrouwen van het openingsdiner waren Reg en Walda Blow, Aboriginals, en Visier en Pari Sanyii, oorspronkelijk uit het Noordoosten van India (Nagaland). Dat zij en niet blanke Australiers iedereen welkom heetten en alles aan elkaar spraken was geen show. Zij hoorden tot het groepje dat het initiatief voor deze conferentie genomen had. Uit respect voor de oorspronkelijke bewoners werd aan het begin van het diner vermeld dat wij ons op het grondgebied van de Kulin volk (naam van een Aboriginal stam) bevonden. Tijdens ons verblijf merkten we dat dit een gebruikelijke manier is om een evenement te beginnen. Ook in allerlei officiële gebouwen, staat ergens vermeld wie de oorspronkelijke eigenaren van de grond waren waar het gebouw op staat. Dit is iets van de laatste jaren en het laat zien dat men zich veel meer bewust is van de aanwezigheid van de Aboriginals.

Als gevolg van de aanhoudende droogte stroomt er minder water door de eens zo machtige Murray.
Als gevolg van de aanhoudende droogte stroomt er minder water door de eens zo machtige Murray.

De droogte, het waterbeheer en het lot van de boeren waren onderwerpen die telkens terugkwamen tijdens de besprekingen. Verder stonden op de agenda van de conferentie thema’s als: integriteit; en hoe gewone mensen corruptie kunnen bestrijden; religie en hoe dat een kracht ten goede kan zijn en niet een haard voor conflicten; en de verdeeldheid tussen de bevolkingsgroepen in Australië. Het zijn voor de hand liggende kwesties, die niet eenvoudig op te lossen zijn. Maar mensen kunnen allemaal wel ergens zelf beginnen, en daar waren tal van voorbeelden van tijdens deze conferentie. Een Vietnamese en een Griekse immigrant vertelden beeldend aan wat voor discriminatie ze hadden blootgestaan. De Vietnamees had de racistische houding van zijn Angelsaksische benedenbuurvrouw beantwoord door haar met het Vietnamese nieuwjaar op loempia’s te trakteren, die een onverwacht positieve uitwerking hadden. Het was een levendige, ontspannen en goed georganiseerde conferentie met deelnemers van alle leeftijden en omlijst door veel muziek, vaak zelf gecomponeerde en geschreven liedjes. De bekende Aboriginal zanger Johnny Huckle ontroerde met zijn liedjes die gebaseerd zijn op zijn eigen levenservaring en die van zijn volksgenoten. Zijn liedjes gaan bijvoorbeeld over verlies van identiteit en alcoholisme, een groot probleem onder de Aboriginals.

Barbara Lawler in Sydney
Barbara Lawler in Sydney

Na de conferentie hebben we een rondreis van ruim 3000 kilometer gemaakt door het zuidoostelijke gedeelte van het land met trein, bus en een (gehuurde) auto. Overal hebben we overnacht bij collega’s en kennisgemaakt met waar zij mee bezig zijn. Zo zijn David en Jane Mills in Sydney, waar ernstige rellen zijn geweest tussen Libanese moslims en blanke Australiërs, sinds enkele jaren betrokken bij een initiatief om vertrouwen te kweken tussen deze bevolkingsgroepen. Mohan en Daya Bagwandas, oorspronkelijk uit Sri Lanka en nu in Melbourne, houden zich net als Barbara Lawler, werkzaam bij het radio en televisie station ABC in Sydney, bezig met integriteit op de werkvloer. Een onderwerp dat zij met geestverwanten ook op de agenda van bovengenoemde conferentie geplaatst hadden.

Met Mohan en Daya Bhagwandas in het regenwoud van de Dandedong bergen even buiten Melbourne
Met Mohan en Daya Bhagwandas in het regenwoud van de Dandedong bergen even buiten Melbourne

Een onderwerp dat sinds een aantal jaren hoog op de agenda in Australië staat is de behandeling die de Aboriginals hebben ondergaan sinds de eerste Engelsen voet aan land hebben gezet in 1788. Hun geschiedenis is er een van vernedering en achterstelling. En velen zijn eenvoudigweg vermoord. Tot aan 1967 werden de oorspronkelijke bewoners niet bij een volkstelling meegeteld, hadden geen burgerrechten en konden dus ook niet stemmen. In 1997 werd er op verzoek van de toenmalige, socialistische, regering een rapport geproduceerd over wat bekend werd als de ’gestolen generatie’: de kinderen van Aboriginals die vanaf de jaren twintig tot de jaren zeventig van de vorige eeuw met geweld bij hun ouders werden weggehaald om in instituten door blanken te worden opgevoed zodat ze helemaal met de hoofdzakelijk Engelse bevolking zouden assimileren. De voorzitter van de onderzoekscommissie was Sir Ronald Wilson, een ex-rechter. Door de honderden interviews met de ‘gestolen kinderen’ raakte hij zo doordrongen van dit grote onrecht, dat hij tot de conclusie kwam dat de enige manier om het verleden recht te zetten was dat de overheid en de bevolking hun spijt zouden betuigen. Een van de aanbevelingen van het rapport, dat de naam draagt ‘Bringing them home’, was dan ook dat er een officiële sorry dag zou worden ingesteld. De regering viel en de volgende, liberale, regering voelde daar niets voor.

Een Aboriginal moeder treurt om haar gestolen kinderen. Monument in Adelaide.
Een Aboriginal moeder treurt om haar gestolen kinderen. Monument in Adelaide.

Sir Wilson nam daarop met anderen zelf het initiatief en in 1998 vond er een ’National Sorry Day’ plaats. Honderduizenden namen deel. Er was een massale mars over de beroemde Sydney brug terwijl een vliegtuig de letters ‘Sorry’ in de lucht schreef. De mensen die eraan deelnamen vertelden ons hoe aangrijpend dit was. Aangezien je niet sorry kunt blijven zeggen en het bovendien slechts het begin is van een lang proces, werd het thema van de nationale dag verbreed tot ‘een reis van genezing’. Velen in het netwerk van IC in Australië onder wie enkele van onze gastheren en gastvrouwen op onze reis door het land, zijn nauw bij die actie betrokken geraakt. Zo woonden wij in Canberra een receptie bij ter gelegenheid van het feit dat John Bond een onderscheiding van de regering had gekregen voor zijn werk als secretaris van het ‘National Sorry Day’ comité. In Adelaide logeerden we bij John en Helen Mills. John is lid van de Blackwood Reconciliation Group aldaar, die opgericht is na het uitkomen van het rapport ‘Bringing them home’. De groep heeft een monument opgericht ter herinnering aan de gestolen generaties. Een ontroerend deel van het monument is het beeld van de Aboriginal moeder, die treurt om haar verloren kinderen.

Tom en Helen Trevorrow met Helen Mills in Kamp Coorong
Tom en Helen Trevorrow met Helen Mills in Kamp Coorong

Helen nam ons mee naar het Kamp Coorong, een centrum dat is opgezet door Aboriginals. Coorong is een natuurgebied vlak achter de duinen aan de zuidkust ten oosten van Adelaide. Het water van de machtige Murray rivier, waar helaas nu minder water doorheen vloeit, voedt de Coorong. De oorspronkelijke bewoners daar, de Ngarrindjeri, leefden van de visserij. Tom en Ellen Trevorrow, leiders van het kamp, ontvangen het hele jaar door groepen van bijvoorbeeld scholen, universiteiten en kerken en nemen mensen letterlijk mee op een reis naar hun cultuur en geschiedenis. Bezoekers worden meegenomen op tochten door de ‘bush’ en over het water van de Coorong. En wat er niet in de natuur te vinden is, wordt getoond in een klein overzichtelijk museum. Ze maken zo kennis met een andere houding tegenover de natuur. Tom zei bijvoorbeeld dat de pelikaan, voor wie de Coorong ook het woongebied is, zijn vriend is. Wat goed is voor de pelikaan is ook goed voor hem. Zij leven daar samen. De plannen om verderop in de Murray een dam te bouwen, stuit dan ook op heftig verzet van de Ngarrindjeri, omdat, zegt Tom, dat het einde van de Coorong zou betekenen. Niet goed voor de pelikaan en ook niet voor de mens. Maar hoe leggen ze dat uit aan de rechter, waar deze zaak voorkomt? Te vrezen valt dat de Ngarrindjeri geen gehoor zullen vinden voor hun bezwaren. De Australische Aboriginals moeten in hun eigen land zien te overleven in een hun vreemde cultuur. Daarom is een andere activiteit van Kamp Coorong het begeleiden van hun volksgenoten bij het vinden van werk en een woning en maken ze mensen waar nodig wegwijs in het onderwijs en de medische wereld.

Ron met zijn vrouw Cynthia
Ron met zijn vrouw Cynthia

Het viel ons op dat er over en weer veel moeite wordt gedaan om de kloof tussen oude en nieuwe bewoners te dichten. Zo vertelde Ron Lawler, die in Wagga Wagga werkt bij de overheid van de staat New South Wales, dat hij een handleiding geschreven heeft voor de staf van de afdeling ‘Community Services’ met de basisfeiten over Aboriginals die iedereen zou moeten weten. Ron heeft gewerkt in het verre noorden van Arnhem land, dat Aboriginal grondgebied is. Ook werkte hij voor de ‘Aboriginal and Torres Straight Islander Commission’, die tot Ron’s grote verontwaardiging opgeheven is door de huidige regering. Hij en velen met hem vinden dat de klok daarmee is teruggedraaid. En er zijn tal van privé initiatieven. Zo werkt kunstenares Helen Stacey, die in het pittoreske Strathalbyn onder de rook van Adelaide woont, samen met Ellen Trevorrow aan een kunstproject. We konden hun gezamenlijke werk bewonderen in het museum van Kamp Coorong.

Kunstenares Helen Stacey voor haar huis dat tegelijk atelier en galerie is.
Kunstenares Helen Stacey voor haar huis dat tegelijk atelier en galerie is.

Op onze reis van Adelaide terug naar Melbourne langs de beroemde ‘Great Ocean Road’ zagen we vele tekenen van de vroege kolonisten: informatieborden over scheepswrakken met verhalen over bemanning en lading uit Engeland en Schotland. En het is geen wonder dat er veel schepen zijn gestrand. Dit deel van de zuidkust bestaat uit steile rotsen en grillige inhammen. De rotsen vormen ware kunstwerken die mooie namen hebben gekregen, zoals de Twaalf Apostelen. Toen wij er langs reden stond er een hevige storm die de golven tot grote hoogte opzwiepten en de kust er nog onherbergzamer deed uitzien. Zo hebben we veel gezien in een klein hoekje van dit immense land. Uren hebben we gereden door vlaktes en over heuvels, waar schapen graasden op dorre velden en waar de eucalyptusbomen grillig afstaken tegen de meestal blauwe lucht. Af en toe reed je een slaperig dorp binnen waar de hitte als een deken over de enige hoofdstraat lag. De temperatuur vertoonde grote uitersten. De ene dag kon het 40 graden zijn en de volgende dag maar 20. Maar niet alles was dor en droog. Toen we Wagga Wagga binnenreden, bevonden we ons ineens in een oase van groen. Het is daar groen omdat ze er ondergrondse bronnen hebben en ook aan de grote rivier de Murrumbidgee liggen. Ook langs de Murray is het groen, maar mensen zijn heel bezorgd over het feit dat de Murray steeds minder water vervoerd. We hebben in het wild kangeroes zien springen en tal van koala’s zien zitten dommelen in de eucalyptusbomen. Een koala vertoonde voor ons een kunstje door van een tak over een afstand van een meter naar een andere tak te springen. Onze Australische reisgenote had dit nog nooit gezien.

Twee van de 'twaalf apostelen', rotsformaties aan de zuidkust van Australie.
Twee van de 'twaalf apostelen', rotsformaties aan de zuidkust van Australie.

Het is een bijzonder land met bijzondere natuur. Zo zijn er veel oude vulkanen. In de krater van een ervan, bij Mount Gambier, waar we langs kwamen op onze Great Ocean Road tocht, ligt een diep blauw meer. De kleur van het meer is blauwer dan we ooit ergens gezien hebben. Het vreemde is dat het meer alleen die kleur heeft in de Australische zomer. Ieder jaar in het najaar (maart) verandert de kleur geleidelijk naar grijs, maar ieder jaar in het voorjaar (november) wordt het in twee dagen plotseling weer diepblauw. Niemand heeft nog kunnen ontdekken waarom. Australie is een land waar je je gauw thuis voelt, omdat de mensen heel ontspannen met elkaar omgaan. De ruimte die er volop is, lijken ze ook aan elkaar te geven. Johannes en Hennie de Pous (in Australie van 5 januari tot 16 februari 2007)